Wie volgens de principes van Het Nieuwe Werken werkt en werk en privé goed wil combineren, moet er paradoxaal genoeg juist voor kiezen privé- en werkactiviteiten te scheiden. Dat geldt ook voor thuiswerkers. Denise Hulst, directeur van trainingsbureau Het Betere Werken, beschrijft vier valkuilen én oplossingen om van Het Nieuwe Werken een succes te maken. Bron: Arbo online

klik hier voor meer.

In 2008 was al driekwart van de werknemers buiten werktijd bereikbaar en verwachtte 60 procent van de werkgevers permanente bereikbaarheid. Ook vond een op de acht mensen die buiten de ‘oude’ kantoortijden werken dat hun gezinsleven en sociale contacten daar onder leden.
Verder laat een actueel onderzoek van het Leefritme Kenniscentrum zien dat acht op de tien kinderen aangeven dat hun ouders te veel opgaan in hun werk of mail als zij thuis zijn.
Deze feiten spreken voor zich en onderschrijven dat een gebrek aan zelfsturend vermogen een van de grootste obstakels is bij het invoeren van Het Nieuwe Werken. Dat zie ik ook in de trainingen die ik geef in het kader van Het Nieuwe Werken.

Zelfsturend vermogen niet aangeboren

Als Het Nieuwe Werken een succes wil zijn, zullen mensen meer discipline, planningsvaardigheden en assertiviteit moeten inzetten.
Onder deze zaken liggen gefundeerde keuzes op verschillende terreinen: of ik werk, of ik ben met mijn kinderen bezig. Als ik sport, ga ik niet op de loopband een telefoontje aannemen en als we vrienden op bezoek hebben, laat ik mijn smartphone met rust.
Het gaat dan voor een deel over de vraag wat je doet (balans werk en privé), maar zeker ook hoe je het doet (vermenging werk en privé) en hoe je het organiseert. Daarvoor is zelfsturend vermogen nodig, en dat is bij de meeste mensen niet aangeboren.

Vaardigheden voor betere zelfsturing

De volgende vaardigheden vergroten de zelfsturing en dragen daardoor bij aan een betere balans tussen werk en privé:

  • heldere keuzes maken en consequenties accepteren;
  • discipline;
  • zelfkennis;
  • gerichte zelfzorg.

Ten slotte moet je overzicht kunnen creëren op het grote geheel en planningsvaardigheden hebben. Keuzes maken lijkt het sleutelwoord…

Vier valkuilen en oplossingen uit de praktijk

Als de hierboven genoemde vaardigheden niet aanwezig zijn, kan dit de balans tussen werk en privé verstoren. Enkele typische valkuilen zoals je ze kunt tegenkomen in de praktijk:

Karin

Valkuil: Karin had woensdagmiddag de kinderen thuis en was voortdurend aan het schipperen tussen werk en kinderen. Dat was vermoeiend en onbevredigend.
Oplossing: Nu werkt ze niet op woensdagmiddag. Als dat wel nodig is, regelt ze een oppas en werkt ze ergens anders. Karin: ‘Het was een opluchting om te besluiten dit niet meer zo te doen. Ik heb veel meer rust doordat ik helderheid heb gecreëerd naar alle partijen.’

Marion

Valkuil: Marion was druk met van alles en nog wat als ze thuiswerkte, behalve met werk. Even een wasje draaien, boodschappen doen, privé bellen. Ze vond het moeilijk om echt met werk te beginnen.
Oplossing: Ze begint ’s morgens op een vaste tijd. Ze neemt een pauze waarin ze wat huishoudelijke klusjes doet. Daarna gaat ze weer aan het werk. Marion: ‘Het vraagt wel om discipline. Het is verleidelijk om al multitaskend de werkdag door te brengen. Dat kende ik al wel van kantoor, en juist dat wil ik nu vermijden.’

Gerard

Valkuil: Gerard werkte vaak tot ’s avonds laat. Daardoor kreeg hij slaapproblemen. Ook had hij het gevoel dat hij alleen nog maar aan het werk was.
Oplossing: Hij stopt nu rond 21.30 uur, want hij weet dat hij ongeveer anderhalf tot twee uur nodig heeft om in de slaapstand te komen. Ook houdt hij zijn uren beter in de gaten en reserveert hij bewust blokken waarin hij niet werkt en privé dingen onderneemt. Gerard: ‘Mijn collega’s vonden het wel raar in het begin dat ik mijn mail na 21.30 uur niet meer beantwoordde. Wennen dus. Maar mijn welzijn gaat voor en als ik niet goed slaap, functioneer ik niet. Ik ben nu eenmaal niet iemand die met vijf uur slaap toe kan.’

Jos

Valkuil: Jos pakte veel dingen tegelijk op. Hij vond veel dingen interessant. Regelmatig raakte hij het overzicht kwijt, waardoor hij vaak te laat was met het afleveren van zijn werk.
Oplossing: Hij stelt prioriteiten en maakt op basis daarvan een korte- en langetermijnplanning. Dagelijks kijkt hij wat hij zou moeten doen op de korte termijn en elke week stelt hij zijn langetermijnplanning bij als dat nodig is. Jos: ‘Toen we nog op kantoor werkten, werd ik eerder door mijn collega’s aan mijn jasje getrokken. Nu moet ik zelf alerter zijn en eerder ingrijpen. Dat heb ik moeten leren. En door het goed te doen, ervaar ik meer rust, dus de winst is goed voelbaar. Dat motiveert om te blijven plannen, terwijl dat niet mijn favoriete bezigheid is.’

[ Bron: Arbo Online ]